Ten tijde van de Franse revolutie werd het Lysdonckhof, tot dan in het bezit van de abten van Boudeloo, door de Franse bezetter als staatseigendom aangeslagen.

De sprokkel over Lysdonckhof te Sinaai. Aangeslagen goederen 1794-1795
In een begeleidende brief van 30 nivose jaar 3 (19 januari 1795) zendt Fisco, hoofdschepen van Waas, aan het Hoofdcollege van het Land van Waas een inventaris en een proces-verbaal in uitvoering van het besluit van 9 frimaire jaar 3 (29 november 1794) van het Hoger Centrale Bestuur betreffende het leggen van de zegels op de mobilaire goederen van afwezigen (geëmigreerden) en hij meent dat het een voldoende maatregel is in afwachting van verdere orders (3).
Op 18 nivose jaar 3 (7 januari 1795) hebben Joseph De Prijcker (4) en Joseph Emmanuel Van Remoortere (5), commissarissen van het gemeentebestuur van Sinaai, vergezeld van de burger Fisco, hoofdschepen in het HC van het Waasland, zich om half twaalf voor de middag begeven naar het “kasteel” Lysdonckhof, dat toebehoorde aan de abdij van Boudeloo te Gent, met het doel de zegels te leggen op de deuren van het ”kasteel”. Daar aangekomen hebben zij vastgesteld dat de deuren reeds verzegeld waren door het agence de Commerce opgericht te St.-Niklaas. Zij hebben dan daarboven kruisgewijs de zegels aangebracht die Fisco had meegebracht volgens het besluit de dato 9 frimaire jaar 3 van het Hoger Hoofdsbestuur van België. Bovendien hebben zij de zegels aangebracht op een poort die toegang verleent tot de kapel die zij geopend hebben door een venster te openen en hebben ook de zegels aangebracht op de verdieping op een deur die toegang geeft tot de zolder.
Bovendien hebben zij eerst de inventaris van de voorwerpen die zich in het “kasteel” bevinden, weer aangeplakt. De inventaris was voordien opgesteld door het gemeentebestuur van Sinaai; daarvan hebben zij een authentiek afschrift gemaakt voor de genoemde Fisco.
Tenslotte hebben zij gevraagd wie de meubelen in de gebouwen moest gadeslaan. De burger Guillaume Vander Heyden heeft zich gemeld als aangestelde verantwoordelijke en aan wie verbod was opgelegd om er iemand zonder bevelschrift van het HC, binnen te laten. Daarop hebben zij het bovenstaande verslag getekend “om het echtheid te geven”.
37
Bij voorgaand proces-verbaal was een kopie van de bovengenoemde inventaris gevoegd, “Inventaire des meubles trouvés tant au chateau dit Lysdonckhof que dans quelques fermes appartenants à l’abbaye de Boudeloo” in opdracht van HC in hun brief van 23 september 1794.
Bij de weergave van de inhoud volgen wij naast een Franstalige versie toch de nauwgezette vertaling van de inventaris. (6)
Op het kasteel Lysdonckhof
In de grote salette (zaal)
6 tafels, 15 stoelen, 2 zetels, 21 schilderijen.
In de tweede kamer
Enige zaken van weinig waarde en prondelingen.
In de kapel
1 altaar, 2 koperen kandelaars, 1 houten kruisbeeld, 2 beelden van heiligen en 1 schilderij.
In de twee kamers bij de kapel 3 bedden met gordijnen, 11 stoelen, 1 kleerkast, 2 tafels, 7 kussens, 17 schilderijen.
In de kamer van de prelaat (7)
1 bed met toebehoorten (gordijnen), 20 schilderijen, 2 tafels, 1 knielbank (of bidstoel), 8 stoelen.
In de eetplaats 25 schilderijen,1 kleerkast, 1 commode, 14 stoelen en 3 tafels, 1 barometer, 1 spiegelken, 4 kristallen blackers (lampen), enig porceleinwerk, een figuratieve kaart van het Lapscheuregat.
Op de kamer van de procurator (8)
5 koperen kandelaars, 1 tafel met 12 stoelen.
In de kamer van de onder-procurator
1 bed met 2 stoelen.
In de tweede bovenkamer
1 tafel met 2 bedden en 1 stoel.
Derde bovenkamer
1 bed, 6 stoelen en 2 tafels.
Vierde bovenkamer
1 bed, 6 stoelen en 1 tafel.
Vijfde bovenkamer
3 bedden, 4 stoelen, 2 tafels, 3 schilderijen.
In de zaalkamer (la chambre du salon)
3 bedden, 1 tafel, 7 stoelen.
Op het zolderken
2000 lege flessen. salvo justo.
Op de kamer van de knechten
4 bedden.
In de keuken
2 tafels, 2 kastjes, 8 stoelen, 6 koperen caserollen, 4 marmiten, 2 ketels, 6 tangen en branders alsmede enig keukengerief.
38
In de stallen of remisen
1 disselvoiture met vier wielen, enig gezaagd hout.
In de gloriette (9)
6 stoelen.
In de hof
Enige stenen pasturen.
In de wallen van het kasteel
1 schuitje en 1 boot.
Op den hof van Jacobus Pilaet, landsman op Klein Sinaai (10)
50 voeren of karren eiken slaghout., 50 karren bratsen (racines de chènes), 30 karren
sperrefaceel (11), 3 mijten pinsen ende reesers (?) samen makende het getal van 3000.
Op den hof van landsman Pieter Teirbroot (16)
Eindelijk tot 3000 pinsen en een watermolen. Aldus de vorenstaande inventaris bij ons wethouders van de prochie Sinaai opgesteld 29 september 1794, in de vergadering gebracht van 23 oktober 1794, was ondertekend P. Heynderickx (13), P.J. Verschelden, A. D’hanis (14) en J. De Prijcker; de Franse kopie bovendien ook door Fisco. Voor akkoord met het origineel, was ondertekend door J. E .Van Remoortere. Aansluitend werd er in de Franstalige kopie nog een stukje meer geschreven:
(in vertaling)
“Vandaag 1 brumaire jaar 3 (22 oktober 1794) in aanwezigheid van de gemeenteofficieren en de griffier van de gemeente. Dezelfde dag hebben wij ons begeven naar Lysdonckhof … en hebben er de inventaris opgesteld van alle matrassen, hoofdkussens, dekens, en lakens op het genoemde hof, als volgt:
18 strozakken
4 pluimen matrassen
13 pluimen hoofdkussens
3 matrassen met een wollen hoofdkussen
2 hoofdkussens met stro
13 wollen dekens
Er worden geen lakens vermeld.
De lijst werd ondertekend door P. Heynderickx, A. D’haenis, J. De Prijcker, en J.E. Van Remoortere.
In het kantwit naast de tekst werd vermeld “De voorwerpen van deze lijst werden vervoerd op dezelfde dag naar St.-Niklaas door 2 bedienden van het Agence de Commerce in St.-Niklaas”.
Aansluitend bij vorige teksten gaat de kopie (zowel de Vlaamse als de Franstalige tekst) verder met Inventaris van enige meubelen toebehoord hebbende aan de abdij van Boudeloo tot Gent en bevonden in de remisen (les écuries) van het kasteel Lysdonckhof als in enige huizen van particulieren binnen de prochie Sinaai …

In de remisen of stallen van het Lysdonckhof
Allereerst 2 koetsen ieder met vier wielen, groen geverfd, 2 harnassuren, een grote
hoeveelheid gezaagde eiken planken en grote stukken en een grote menigte brandhout
welk daar is gebracht door Jacobus Pilaet en Pieter Teirbroot.

In het huis van Dokter Bouckaert. (15)
14 schotels, 12 borden, 2 lampetkommen, 2 koffiekannen, 1 bierpot, al het vorige
in tin, 3 koperen komforen, 4 koperen kandelaars, een rood koperen bekken, een
ijzeren kaarsensnuiter, een rood koperen spoelbak met deksel, 3 zilveren taartschotels,
3 zilveren zeefjes, een zilveren pot met deksel, een grote en een kleine klok.
In het huis van Schelfhaut in het Dorp.
(16) Een staande horloge in een spiesse kas (spitspijn, dennenhout), 12 rood overtrokken stoelen, 9 schilderijen, een tinnen schotel, 1 loden kom om de handen te wassen.
De laatst vermelde inventaris werd gemaakt op 7 januari 1795 en ondertekend door J. De Prijcker en J.E. Van Remoortere.

Bron:

Alex Dierick (uit Heemkundige Kring Den Dissel, Sinaai)