Aristolochia Clematitis L. (pijpbloem, of sarrazijnkruid)

Uit diverse bronnen vernemen we dat er op de site van Boudelo een aantal bijzonder oude kruiden bleven overleven. Daarvan is de Pijpbloem heel bijzonder. Stekjes werden door enkele archeologen en natuurliefhebbers meegenomen alvorens de wijk werd gebouwd.

Volgens de overlevering is deze plant door de kruisvaarders uit het Oosten naar hier gebracht, en werd het eerst in de Kloostertuinen en bij de Kastelen gekweekt. De naam sarrazijnkruid komt omdat de Arabieren Saracenen werden genoemd door de kruisvaarders.

 

 

Aristolochia Clementitis
Geneeskrachtige plant die in ons land enkel wordt gevonden in de buurt van vervallen kloosters en abdijen, die zelfs eeuwen in ruïnen liggen. Het telen van deze plant was verboden en werd enkel toegelaten in de kruidentuin van de kloosters. Het terrein van de verdwenen abdij van Boudelo in Klein-Sinaai is de enige groeiplaats in het Land van Waas waar deze plant nog te vinden is. Tot voor 1940 gingen verschillende apothekers van Sint-Niklaas deze plant halen in Klein-Sinaai, om ze te gebruiken in de dierengeneeskunde. De plant wijst op een verdwenen tuin van geneeskrachtige kruiden. 

 

Nederlands: Pijpbloem
Frysk: Pyptsjettel
English: Birthwort
Français: Aristoloche clématite (Sarrasine)
Deutsch: Osterluzei
Wetenschappelijk: Aristolochia clematis
Familie: Pijpbloemfamilie, Aristolochiaceae
Beschrijving
Afmeting: 20 tot 90 cm.
Levensduur: Overblijvend.
Bloeimaanden: Mei t/m juli.
Wortels: Forse, sterk vertakte wortelstokken.
Stengels: De rechtopstaande stengels zijn rond, niet vertakt, geribd, taai, zigzagsgewijs gebogen en met enige schubben aan de voet. De plant groeit in groepen.
Bladeren: De verspreidstaande bladeren zijn rond tot eirond met een hartvormige voet en een vrij stompe top. Ze hebben een lange steel, zijn kaal, lichtgroen en worden 6 tot 10 cm.
Bloemen: Bijschermen van 2 tot 8 bloemen in de bladoksels. De lichtgele bloemen zijn gesteeld, buisvormig, 2 tot 3 cm lang met een gebogen, aan de voet bolvormig verwijde kroonbuis en een 1-lippige zoom. De 6 meeldraden zijn met de stijl vergroeid. Aan de binnenkant zie je schuin naar beneden staande haren. Het vruchtbeginsel is onderstandig met 6 stempels.
Vruchten: De grote doosvruchten zijn eivormig tot bolrond. De plant heeft slechts zeer zelden vruchten.
Biotoop
Bodem: Zonnige tot meestal halfbeschaduwde, warme plaatsen op vrij droge tot vochthoudende, kalkrijke, matig voedselrijke en dikwijls verstoorde grond (zand en klei en op stenige plaatsen).
Groeiplaatsen: Heggen, bosranden, ruigten (langs de rivieren en in de duinen), wijngaarden, bij kloosters, kastelen of oude boerderijen, langs eiken- en iepenbosjes en langs de rivieren (op dijken en in de voegen van beschoeiingen).
Verspreiding
Wereld:

Oorspronkelijk uit het Middellandse-Zeegebied en het Zwarte-Zeegebied. Nu ook in Zuidwest-Azië en Zuid- en Midden-Europa. Noordelijk tot in Nederland en België.
Nederland: Zeldzaam in de Noord-Hollandse duinen (plaatselijk wat meer) en langs de grote rivieren. Elders zeer zeldzaam.
België: Zeer zeldzaam in het kustgebied en langs de grote rivieren.
Beschermd.
Rode lijst Vlaanderen. Zeldzaam.
Rode lijst Wallonië. Ernstig bedreigd.
Wetenswaardigheden
Een extract van Pijpbloem is werkzaam tegen bloedingen, slangenbeten, maagziekten en hoest. De naam Aristolochia wijst ook op medicinaal gebruik en betekent "zeer goed voor de bevalling" (door de gelijkenis van de bloem met een baarmoeder).