GEHEIME GANGEN IN KLEIN-SINAAI


Indien we de onderaardse gangen, die in de sagen van ons land verwerkt zitten, in kaart zouden brengen, dan zou de kartering ons de indruk geven, dat het net van ondergrondse wegen een van zijn grootste uitbreidingen vindt in het Land van Waas, en dat het plaatselijk zwaartepunt ervan te zoeken valt rond de Abdij van Boudelo.

Van 1971 tot 1986 ondernam Alfons De Belie opgravingen op de site van de abdij van Boudelo te Klein-Sinaai.
Er was ook een opgraving op Coudenborm, dat bij de abdij behoorde. Vele bewoners vertelden over de geheime gangen en verborgen schatten.
Tot ieders verbazing werden de resten van geheime gangen gevonden...

DE SCHAT VAN DE ABDIJ VAN BOUDELO
Marcelijn Dewulf, 1957
In de onderaardse gang die loopt van de abdij van Boudelo te Klein-Sinaai naar de woning van de abt op Lysdonk te Sinaai, en wel in het gedeelte dat zich bevindt bij de afgebrande residentie van de abt, zou er een schilderij van onschatbare waarde verborgen zitten. Volgens de pachter van het Lysdonkhof in 1954 verklaarde, zou dat schilderij van Rubens zijn. Dit was hem meegedeeld door de gemeentesecretaris van Sinaai, Mr Lecocq.
Mooi verhaal, maar... Het schilderij is ten laatste in 1578 in de gang verborgen, en toen was Rubens (1577-1640) 1 jaar oud.



WAAR IS DE SCHAT VAN BOUDELO?
Over de abdij van Boudelo worden er nog andere schatsagen verteld.
In Eksaarde vernamen we dat de verborgen schat van Boudelo in de gang van Lysdonk te Sinaai , een onderaardse gang, bestaat uit gouden hoefijzers waarmee de paarden van de abdij beslagen werden. Rechts een schuttersketen uit Rijksmuseum Amsterdam. Gevonden in Hulst. De wapenschilden van diverse abten staan erop afgebeeld. Een voorbeeld van de waardevolle voorwerpen die de abdij in bezit had.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

GEHEIME GANGEN IN KLEIN-SINAAI:

GEHEIME GANG ONDER DE OUDE JONGENSSCHOOL NAAR DE ABDIJ

Zuster C. Verschraegen, 74 jaar, Klein-Sinaai
Vroeger noemde de Pannenhuisstraat de Kapellestraat. Vanaf de plaats waar de abij heeft gestaan, zou er een onderaardse gang gelopen hebben naar de Gemeenteschool in de Pannenhuisstraat. De varkenskoten van de abdij waren daar nog lang te zien. Van tijd tot tijd probeerden dappere bewoners erin te gaan maar hun lichten gingen altijd uit doordat de gangen te diep waren, zodat ze niet verder konden.



RECENTE GEHEIME GANG
Tijdens opgravingen in 1995 kwam de familie De Witte zeggen dat er een nieuwe geheime gang was ontdekt onder de Brugse Heirweg. Tussen de scheiding van Moerbeke en Klein-Sinaai, waar recent een nieuw wegdek werd gelegd.
Twee dikke stukken muur op een afstand van 1 meter kwamen tevoorschijn. Opgetrokken in Kloostermoppen en dus zeer oud.
De muren liepen in de richting van de oude gemeenteschool in de Pannenhuisstraat.

 

SAGEN OVER DE BOUDELO-ABDIJ EN COUDENBORM
Petrus Van Overloop, 72 jaar, Moerbeke
Op Coudenborm zijn er gangen geweest, die waren in verbinding met Gent, die liep over Eksaarde.
Er zijn daar in Eksaarde zo oude gebouwen. Dat is van Boudelo, en die gangen waren in verbinding met elkaar.


EEN EZEL IN EEN GANG GEJAAGD
Een bezoeker van de opgravingen.
In de geheime gang die naar de refugie in Gent loopt, hebben ze eens een ezel met een bel aan zijn hals gejaagd. Ze hebben de bel lang gehoord, maar hij is er nooit meer uitgekomen.

 

EEN IJZEREN DEUR SLUIT DE GANG AF.
De Witte, Moerbeke, een der laatste eigenaars
Een grootnonkel van mij is eens in die gang geweest, die had een roodstenen tongewelf en in de zijmuur was een zware ijzeren deur met twee dikke grendels. Hij kon die niet open krijgen.


HET GEHEIM KELDERTJE AAN HET HOOG HUIS OP KOUDENBORM
Florent Schaut, Moerbeke
Nand beweerde altijd dat er een gouden zetel in zijn pompput stond, maar er mocht niemand inkomen. Vanuit de pompput lag er volgens hem een onderaardse gang.

 

EEN GEHEIME KAMER
Georges van Boscch, fruitplukker Klein-Sinaai
Uit het Hof van Koudenborm moeten de bewoners ooit schielijk zijn gevlucht, want men vond er onder de kelders een kamer, waarin meubels stonden en welke uitgaf op een onderaardse gang. Op de tafel lag een lijvig boek open naast een dikke kaars. Toen men de meubels wilde wegnemen, verging alles tot stof. Daarom heeft men er nooit meer durven ingaan.

 

DE TIENDENSCHUUR
Florent Schaut
Koudenborm, in de volksmond Tiendenschuur was vroeger een zaak. 't Is hier al begonnen in de jaren twaalfhonderd en de Heren van Boudelo hadden hier allemaal de eigendommen. Dat was een tijd van rijke mannen die hen een stuk grond gaven om te bidden en hun zonden te vergeven. Op den duur hadden ze heel veel en dat werd verpacht. De pachters moesten een tiende van hun oogst naar daar brengen. Toen ik zeven jaar was, stond er een blinde muur langs de straat. Toen die werd afgebroken lag er een hele rij lijken. Geraamte van mensen die er begraven lagen. Dat heb ik gezien, dat zijn geen fabels. Ze lagen allemaal met hun hoofd naar het noorden en met hun voeten naar het zuiden.
De vermelding van deze sage van die begraafplaats was één van de redenen om de opgraving op Koudenborm te ondernemen. Vooral de richting waarin de geraamte lagen, wekte de aandacht van De Belie. Tijden de opgraving van de abdij is slechts één geraamte gevonden dat in die richting lag. Al de overige lagen oost-west georienteerd met het hoofd naar het westen.

 

DE GANG TUSSEN 'T BOUDELO-HOF EN HOOG HUIS
Getuigenis van D. De Witte, 67 jaar, landbouwer Klein-Sinaai:
Hier op Klein-Snoa was vroeger d'abdij van Boudelo. De kerk van Boudelo is ook vergaan en de klokketoren is in de grond gezonken. Nu is dat daar een put, en daarin staat altijd water; ook als het hard vriest. Dat water bevriest dus nooit.
Daar werd ook verteld dat er een gang was tussen het Boudelo-Hof en 't Hoge Huis - 't Hoog Huis was ook een afdeling van 't Boudelo-Hof - en in die gang was er op een keer een speleman gegaan om te zien hoe ver de gang ging... hij is er nooit uitgekomen.

 

BOUDELOHOF TE KLEIN-SINAAI
E.V. 87 jaar, landbouwer Stekene
Mijn vader zei altijd tegen ons, als hij bij ons gekomen is: 'Op Boudelo ligt een kelder van aan Klein-Sinaai aan de Vierwikse, tot aan Coudenborm aan 't Hoog Huis. En daar zijn de roodbroeken altijd geweest, die waren gevlucht voor de Puisen, die hen anders kapot zouden gemaakt hebben. En dat was daar een kelder en hun eten werd gebracht door priesters, die het gingen vragen op straat. Zij droegen het naar de kelder in Klein-Sinaai en ze moesten het daar opeten. Op het laatste durfde niemand nog in die kelder gaan, het stonk er te veel. Er waren mensen in gestorven, waarschijnlijk van honger. Ze hebben die kelder dan voor en achteraan dichtgemaakt met aarde, zodat de stank er niet meer uitkon. Wanneer Boudelo ontbost werd, hebben ze het gebied helemaal omgespit. Ze hebben er duizenden lijken gevonden van mensen die er begraven waren.
In 1993 verteldde een jonge vrouw van 36 jaar aan Alfons De Belie, dat de pastoors nog iedere nacht hun toer doen om de opgeslotenen te voeden. Zij geloofde daar nog vast in en rilde als ze het vertelde.

 

SPOKERIJ OP HET BOUDELO-HOF VAN KLEIN-SINAAI
Ik heb altijd horen zeggen dat het op de Boudelohoeve altijd spookte.
Er woonden vroeger paters op dat terrein en naar het schijnt zou het volledig ondertunneld zijn tot op het Lijsdonkhof in Sinaai
Het zou er niet deugen, want niemand die in die tunnels ging is ooit terggekeerd.

 

SPOOKTE HET OP HET BOUDELOHOF?
Florent Schaut
Boudelo is tot 1928 bewoond geweest. Men vertelde dat het er soms spookte, maar dat gebeurde als Nand en Marie 's avonds met een kaars hun kruisweg deden in hun huis zodat de schaduwen in de toren de mensen schrik op 't lijf joegen.